Wanneer gebruik je markeerlint?

Wanneer gebruik je markeerlint? Met markeerlint geef je snel en duidelijk aan dat een gebied niet toegankelijk is. Maar ook looproutes worden vaak aangegeven door middel van een markeerlint.

Vinden er werkzaamheden plaats waarbij het onverstandig is als anderen de werkplaats betreden? Dan kan je het werkgebied afzetten met markeerlint. Wel zo veilig. En het werkt een stuk prettiger en sneller.

Je gebruikt markeerlint ook als toegang niet mogelijk is in onderstaande situaties:

  • Bij een pand dat net is opgeleverd;
  • Er is geschilderd en de verf is nog nat;
  • Een vloer moet uitharden;
  • Er is net ingezaaid.


Wordt het lint gebruikt in een veiligheidssituatie? Dan is dat meestal om publiek op een gepaste afstand te houden. Binnen het afzetlint kunnen hulpverleners ongehinderd hun werk doen. Buiten het lint is een veilige zone gecreëerd.

Ook om juist wel aan te geven waar men mag komen

Markeerlint kun je ook gebruiken om juist wel aan te geven waar men mag komen. Zo kunnen er looproutes worden aangegeven.

Er zijn twee soorten markeerlint

Het meest gebruikte markeerlint is rood met wit. Rood met wit lint wordt professioneel gebruikt om een veilige situatie te creëren. Maar ook bij evenementen kan markeerlint worden gebruikt. Denk aan een tijdelijk parkeerterrein op een weiland of een parcours voor een sportevenement. 

Bij geel en zwart markeerlint is het een ander verhaal. Als een gebied wordt afgezet met geel met zwart lint, dan is dat terrein absoluut verboden.

Geel en zwart markeerlint wordt gebruikt:

  • Als er instortingsgevaar dreigt;
  • Bij gevaar voor vallende objecten;
  • Bij een lekkage;
  • Bij een incident;
  • Als er met straling wordt gewerkt.

Kortom: rood en wit lint betekent verboden te passeren, of kan een route aangeven. Geel met zwart lint staat voor gevaar.

Cursus inplannen?

Relevante artikelen voor jou